hero-object

Vrouwenveiligheid in de openbare ruimte: waar ligt jouw macht?

hero-image

Als consultant participatie bij Dutch Boosting Group krijg ik regelmatig de vraag wat participatie toevoegt aan een project of opgave. Nog te vaak wordt participatie namelijk gezien als een verplicht traject, of iets wat er nu eenmaal bij hoort. Het gesprek gaat dan al snel richting bewonersavonden, enquêtes of informatiebijeenkomsten. Logisch, want dat zijn de zichtbare onderdelen van participatie.

Toch gaat participatie voor mij over iets heel anders. Het gaat over het begrijpen van de wereld achter een opgave. Over het zichtbaar maken en verbinden van de verschillende onderdelen van het systeem rondom de opgave. 

Waarom moeten we (nog steeds) aandacht besteden aan vrouwenveiligheid? 


De uitspraak van Alexander Pechtold, die overigens goed bedoeld was, symboliseert volgens ons een essentieel idee: dat vrouwen zelf verantwoordelijk worden gehouden voor hun veiligheid, terwijl het onderliggende maatschappelijke probleem niet wordt aangepakt.  

Ook wij horen iets soortgelijks regelmatig in projecten: “Veiligheid is een gevoel.” Die uitspraak wordt vaak gebruikt om aan te geven dat vrouwenveiligheid subjectief is, en (dus) dat er geen duidelijke richtlijnen of kaders voor op te stellen zijn, en/of dat er geen aandacht of budget voor vrijgemaakt wordt. Maar als veiligheid een gevoel is, waarom hebben we dan wel normen, kaders, richtlijnen en budget voor verkeersveiligheid, terwijl we vrouwenveiligheid of sociale veiligheid subjectief vinden?  

Het feit dat sociale veiligheid moeilijk meetbaar is, maakt het niet minder ‘echt'. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) benadrukt dit ook in onderzoek uit 20231. Het Nederlandse overheidsbeleid kent een sterke technocratische inslag: we hechten veel waarde aan kennis, expertise, cijfers en evidence-based beleid. Tegelijkertijd laat niet alles wat maatschappelijk van belang is zich vangen in meetbare indicatoren. 

Wat is sociale veiligheid?

Een breed geaccepteerde definitie2 van sociale veiligheid in de openbare ruimte luidt: ‘Sociale veiligheid gaat over het verlagen van de kans op het plaatsvinden van feitelijke criminaliteit en het vergroten van het gevoel van veiligheid.’ Het gaat dus zowel over objectieve sociale veiligheid (meetbare cijfers) als subjectieve sociale veiligheid (menselijke beleving). Ook in het Engels is er een definitie voor sociale (on)veiligheid die hier dichtbij komt: ‘crime and fear of crime'. 

De ruimte is niet neutraal 


Zoals we hierboven hebben gezien, is vrouwenveiligheid dus niet alleen subjectief, maar hangt deze ook samen met objectieve normen. Maatregelen die zowel de objectieve als de subjectieve veiligheid vergroten, zijn onder andere voldoende verlichting, goede zichtlijnen, de aanwezigheid van andere mensen (‘eyes on the street’) en de vraag wie de ruimte domineert. De openbare ruimte is namelijk vrijwel nooit neutraal: iedereen kent de voorbeelden van jongeren die een speeltuin domineren. Uit onderzoek blijkt dat het voor het gevoel van veiligheid bij vrouwen belangrijk is dat niet één groep de openbare ruimte domineert én dat er andere vrouwen in de ruimte nodig zijn. Maar als de openbare ruimte, zoals gebruikelijk de afgelopen decennia, vooral door en voor mannen is ontworpen, dan wordt het lastig om aan deze criteria te voldoen. In het ontwerp van onze leefomgeving ontbreekt dus het vrouwelijke perspectief. En dat terwijl juist dat vrouwelijke perspectief het verschil kan maken. 

Vrouwenveiligheid en het onderliggende systeem 


Het is interessant om naar vrouwenveiligheid te kijken met een systeembril: een kijk waarmee we niet alleen naar dit probleem op zichzelf kijken, maar het vooral bezien in relatie tot de verschillende systemen waarbinnen het functioneert (zie kader). Als we dat doen, dan zien we dat de veiligheidsbeleving bij vrouwen samenhangt met drie systemen: een persoonlijk systeem (bijvoorbeeld eigen ervaringen), de omgeving (bijvoorbeeld de toestand van de openbare ruimte) en het maatschappelijke systeem (bijvoorbeeld victim blaming in de media). Het maatschappelijke systeem is hierbij het overkoepelende ‘supersystem’: het bepaalt de randvoorwaarden voor de andere systemen. Kijken we naar dit maatschappelijke systeem, dan zien we dat er veel aspecten van vrouwenveiligheid zichtbaar zijn, maar dat er nog veel méér factoren meespelen bij vrouwenveiligheid die onzichtbaar een grote invloed uitoefenen.  

De overkoepelende factor hierin is macht. Vrouwenveiligheid is een machtsvraagstuk. Wie bepaalt hoe de openbare ruimte eruitziet en wie nemen we als referentie (de ‘reference man’) om die openbare ruimte te ontwerpen? Wie bepaalt wie inspraak heeft (via participatie bijvoorbeeld) en wie heeft uiteindelijk de macht in de ruimte zelf (wie domineert)? Al die vraagstukken hangen samen met macht, waarbij we macht definiëren als de mate waarin je invloed hebt op iemands keuzes of gedrag. Ook als omgevingsmanager heb je macht. Via jouw invloed op participatie, heb je namelijk een positie om de macht te herverdelen naar vrouwen in jouw project.

Wat is systeemdenken?

Systeemdenken is een denkwijze waarbij we kijken met een integrale, holistische blik. Als we systeemdenken toepassen, dan kijken we niet naar vrouwenveiligheid als een losstaand probleem, maar als onderdeel van de systemen waarbinnen het bestaat. We kijken hoe verschillende onderdelen en actoren van die systemen samenhangen en welke raakvlakken en dynamieken er zijn. Onze integrale blik zetten we in om een proces te creëren waarin alle stakeholders zijn betrokken en waarin we samen invulling geven aan de opgave. Wij maken expliciet hoe belangen van stakeholders zich tot elkaar verhouden en structureren stakeholderinformatie zodat beslissingen herleidbaar zijn. 
 

Waar ligt jouw macht als omgevingsmanager? 


Als omgevingsmanager kun je niet direct invloed uitoefenen op het ontwerp van de openbare ruimte. Toch is je macht groter dan je denkt. Indirect kun je namelijk wél invloed uitoefenen. Je hebt immers invloed op wie inspraak heeft, en hoe zwaar die inspraak binnen je project weegt. Hoe stel je je participatieplan en stakeholderanalyse op? Hoeveel moeite doe je om vrouwelijke stakeholders daadwerkelijk een stem te geven? Ga je wel of niet een schouw organiseren voor vrouwenveiligheid? Jij kunt allerlei keuzes maken, die (mede) bepalende zijn voor wie invloed heeft binnen een project. En daarmee kun je daadwerkelijk iets veranderen.

Participatie als tool voor macht en vrouwenveiligheid 


Met participatietrajecten waarin we vrouwen daadwerkelijk mee laten denken en beslissen over de openbare ruimte, ontwerpen we niet alleen inclusieve plekken, maar zorgen we ook voor een subtiele verschuiving van de macht binnen het maatschappelijke systeem. Verschillende wetenschappelijke studies laten zien, dat met échte participatie door vrouwen en het structureel meebeslissen over de inrichting van de openbare ruimte, niet alleen de ruimtelijke kwaliteit verbetert (voor iedereen), maar ook de sociale status van vrouwen verschuift. We gebruiken hierbij de ‘echte participatieladder’ van Sherry Arnstein, die laat zien hoe goede participatie er daadwerkelijk uitziet. Volgens deze redenering zeggen we dat er pas sprake is van participatie als we écht invloed aan het verdelen zijn, dus als we de macht delen. Als omgevingsmanager is dit dan ook een goede vraag om jezelf te stellen: verschuift mijn interventie of participatietraject daadwerkelijk de macht?  

Participatie is daarmee een belangrijke tool voor vrouwenveiligheid in de breedste zin van het woord. Een tool die jullie als omgevingsmanagers allemaal in handen hebben!     
 

Meer weten? Volg de workshop! 


Wil je als omgevingsmanager echt werk maken van vrouwenveiligheid? Volg dan onze workshop! In onze workshop vrouwenveiligheid vertellen we je meer over het systeem dat zichtbaar én onzichtbaar onder vrouwenveiligheid ligt. We pluizen uit welke soorten macht er zijn, waar de macht ligt, hoe je daar als omgevingsmanager invloed op kunt uitoefenen en hoe je met participatie bij kunt dragen aan een verschuiving van die macht. We zetten zowel nieuwe theorieën op een rij als principes die je vandaag al in je toolbox kunt stoppen om als omgevingsmanager het verschil te maken. 

*Met vrouwen bedoelen wij iedereen die zich identificeert als een vrouw of zo wordt gezien. Behalve voor vrouwen dient een ruimte uiteraard ook veilig te zijn voor alle anderen, ongeacht gender, leeftijd, huidskleur, geaardheid of voorkeuren.